Nieuws
vers van de pers

10 juli 2020

TNO: verwachte gasproductie zwaar overschat

Bron: Financieel Dagblad, Bert van Dijk

Gasboringen ten noorden van Ameland.
Gasboringen ten noorden van Ameland.Foto: Peter Hilz/Hollandse Hoogte

In het kort

De verwachting van de aardgasproductie in kleine gasvelden in Nederland voor de komende jaren wordt zwaar overschat.

TNO schat dat er in de nog te ontwikkelen kleine gasvelden in Nederland 60% minder aardgas zit dan eerder gedacht.

Daardoor wordt Nederland nog afhankelijker van buitenlands gas, nu de gaskraan in Groningen wordt dichtgedraaid.

De verwachting van de aardgasproductie in kleine gasvelden in Nederland voor de komende jaren is zwaar overschat. Daardoor wordt Nederland nog afhankelijker van buitenlands gas dan gedacht en krijgt de Staat minder binnen aan aardgasbaten. Dat blijkt uit een bijstelling van de modellen die TNO gebruikt voor aardgasprognoses.

Hoewel Nederland de gaskraan van het Groningenveld aan het dichtdraaien is, blijft Nederland de komende jaren nog miljarden kubieke meters aardgas per jaar nodig hebben. De productie in de kleine velden is daarom belangrijk, omdat aardgas uit het buitenland niet alleen duurder is, maar de import ervan ook tot grotere CO₂-uitstoot leidt dan Nederlands aardgas. In 2018 werd Nederland voor het eerst netto-importeur van aardgas.

Behoefte aan betrouwbare cijfers

Aangezien het aantal gasboringen in Nederland de komende jaren naar verwachting laag blijft, ligt de langetermijnprognose voor zogenoemde prospects (velden waar vermoedelijk aardgas in de bodem is te vinden, red.) ongeveer 60% lager dan voorheen. ‘Dan praat je over enkele miljarden kubieke meters gas per jaar minder dan de laatste prognoses die door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) worden gebruikt’, zegt Gijs Remmelts van TNO die de bijstelling mede heeft gedaan.

‘Wij verwachten dat de aanpassing zal zorgen voor meer accurate gegevens voor beleid en instellingen zoals het PBL’, aldus Remmelts. ‘De samenleving heeft behoefte aan betrouwbare cijfers. Organisaties als het PBL gebruiken de prognoses voor hun modellen waarop overheidsbeleid wordt gebaseerd.’

Aardgas blijft nodig komende jaren

Voor de Nederlandse schatkist zal het effect met waarschijnlijk enkele honderden miljoenen euro’s per jaar relatief beperkt zijn, omdat de gasbaten de afgelopen jaren al fors zijn gedaald. Bovendien zijn de gasprijzen op dit moment historisch laag.

Wel wordt het voor het kabinet steeds belangrijker om te weten hoeveel gasproductie te verwachten is uit mogelijke gasvelden, vooral ‘omdat de productie uit nieuwe, nog onbekende gasvelden een veel groter onderdeel is van de verwachte gasproductie in Nederland’, aldus TNO. De gaskraan in het Groningenveld wordt de komende jaren dichtgedraaid vanwege de aardbevingen in het gebied.

Exploratieboringen fors omlaag

‘Juist het gebruik van Nederlands aardgas is een relatief groen alternatief voor gas uit het buitenland. Maar te rooskleurige voorspellingen kunnen de verwachtingen die we nu hebben van de Nederlandse gasvoorraad op losse schroeven zetten’, zegt Remmelts.

TNO voert twee oorzaken aan voor de opvallende overschatting van de gasproductie in Nederland. ‘In de eerste plaats is het aantal exploratieboringen naar vermoede gasvelden het afgelopen jaar fors gedaald ten opzichte van de verwachtingen in het verleden.’ Daarnaast bestaat er een structurele overschatting van de hoeveelheid aanwezig gas in deze nog onbekende velden.

Groningenveld

In januari van dit jaar stelde het The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) al dat het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) te optimistische verwachtingen schetst voor de Nederlandse gasproductie. ‘De sector staat er heel erg slecht voor’, zeg Jilles van den Beukel, een van de opstellers van die studie.

De overschatting gaat lang terug. In de afgelopen jaren — vooral sinds in 2012 de discussie startte over de sluiting van het Groningengasveld — was de algemene gedachte dat de overschatting door mijnbouwmaatschappijen louter werd veroorzaakt door het verslechterde investeringsklimaat. ‘Dat blijkt uit een analyse die wij onlangs deden onjuist: al veel eerder waren de verwachte gasvolumes uit prospects te hoog’, aldus TNO.

9 juli 2020

Staatssecretaris: Nederland heeft biomassa nodig

Bron: Financieel Dagblad, Orla McDonald

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat (D66).
Staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat (D66).Foto: Bart Maat/ ANP

In het kort

Biomassa is nodig, maar in de ene sector nuttiger dan in de andere, stelt de SER.

In de bouw en de chemie is het nuttiger dan in de energievoorziening.

SER adviseert compensatie voor energiebedrijven die al investeerden in biomassa.

Van Veldhoven lijkt die lijn te volgen. Ze hekelt het gepolariseerde debat over biomassa.

Nederland heeft biomassa nodig om te verduurzamen en is het niet de vraag of het gebruikt moet worden, maar waar, wanneer en hoe lang. Met die woorden sloot staatssecretaris van Milieu Stientje van Veldhoven (D66) zich woensdag aan bij een advies van de Sociaal-Economische Raad (SER) over het zo duurzaam mogelijk toepassen van biomassa.

Het kabinet had om zo’n advies gevraagd, omdat het regels wil opstellen waaraan overheden en bedrijven zich moeten houden om biomassa duurzaam toe te passen. Het advies lekte vorige week al uit, maar werd nu officieel gepresenteerd door de SER en partijen die eraan meewerkten, zoals Natuur&Milieu, vakbond FNV en werkgeversorganisatie VNO-NCW.

Conclusie is dat biomassa ‘onmisbaar is’ voor het halen van klimaatdoelen, maar beter gebruikt kan worden in de bouw en chemische sector dan in de energiesector. Dat betekent dat subsidies voor biomassa voor het produceren van stroom en warmte afgebouwd moeten worden en die voor het maken van biobeton en bioplastic juist gestimuleerd, zegt de SER.

Dat is een tegenvaller voor de energiesector, die de afgelopen jaren wel heeft ingezet op biomassaverbranding met het idee dat de overheid dit steunde. Tegen die ondernemers zei Van Veldhoven dat zij kunnen rekenen op een ‘betrouwbare overheid’. Ze doelde daarmee op compensatie voor bedrijven die hebben geïnvesteerd in biomassa, ook iets wat de SER adviseert.

Gepolariseerd debat

In Nederland woedt op dit moment een stevig debat over biomassa, met name over de verbranding ervan voor de opwek van energie. In het Klimaatakkoord staat dat biomassa een belangrijk onderdeel is van de energietransitie, maar veel mensen betwijfelen de CO₂-winst en willen geen grote centrale naast de deur. In Diemen, waar Vattenfall de grootste centrale van het land wil bouwen, is het protest zo hevig, dat het energieconcern de plannen voorlopig stillegt, hoewel de vergunning en subsidie al binnen zijn.

‘De ene biomassa is de andere niet. We moeten van een gepolariseerd naar een genuanceerd debat’, zei Van Veldhoven. ‘Consistent beleid’ moet ertoe leiden dat biomassa duurzaam wordt geproduceerd en zo hoogwaardig mogelijk toegepast. De SER adviseert om het woord biomassa voortaan niet meer te gebruiken, maar te spreken over biogrondstoffen.

Biomassa is een verzamelterm voor producten van organische oorsprong, zoals gebruikt hout, groente- fruit- en tuinafval en frituurvet. Van hout kun je een nieuwe tafel maken, van frituurvet zelfs diesel. ‘Biogrondstoffen zijn onmisbaar in de energietransitie en naar een circulaire economie’, aldus Nijpels, die een suikerbiet had meegenomen om de staatssecretaris te laten zien wat zij kan met welk onderdeel van de biet.

Duurzame productie belangrijkste criterium

Volgens de SER is het cruciaal dat de overheid garandeert dat in Nederland gebruikte biomassa duurzaam is geproduceerd, dus met oog voor goed waterbeheer, duurzaam bosbeheer en armoedebestrijding. Nederland zou de Europese richtlijnen hiervoor als basis kunnen nemen.

Het SER-advies geeft heldere antwoorden op nuttige en minder nuttige toepassing van biomassa. De chemische sector en de bouw komen als eerste in aanmerking voor de beperkte wereldwijde beschikbaarheid van biomassa. Daarna volgt zwaar wegtransport, zoals de lucht- en scheepvaart. Als laatste zou de energiesector mogen aankloppen voor het verbranden van biomassa voor het opwekken van warmte en elektriciteit.

6 juli 2020

Vragen te over bij aftrap van waterstofoffensief

Bron: Financieel Dagblad, Mathijs Schiffers

Europese Commissie publiceert woensdag zijn ideeën met waterstof.
Europese Commissie publiceert woensdag zijn ideeën met waterstof.Foto: Reuters

De een vindt het de heilige graal bij het klimaatvraagstuk, de ander spreekt van een hype, waarvan de potentie wordt overschat. De waarheid zal wel ergens in het midden liggen. Maar één ding staat vast: laat de term ‘waterstof’ vallen en je krijgt debat.

FD

Deze week voegt de Europese Commissie er wat gespreksstof aan toe. Op woensdag publiceert het dagelijks bestuur van de EU zijn ideeën met de (in potentie duurzame) energiedrager die moet helpen bij de ambitie van klimaatneutraliteit in 2050. Vanuit Nederland zullen de plannen met extra belangstelling worden gadegeslagen. Met Rotterdam en Groningen heeft Nederland immers twee locaties in huis die vanwege de aanwezige infrastructuur – opslag, pijpleidingen – een draaischijffunctie kunnen gaan vormen in een waterstofeconomie.

Twee vragen

De discussie rond waterstof centreert zich ruwweg rond twee vragen: welke kleur mag het hebben en hoe snel kan de productie worden opgeschaald. Om bij de eerste vraag te beginnen. Waterstof dat geproduceerd wordt met fossiele brandstoffen als gas is niet duurzaam. Toch wil de Commissie, zo blijkt uit concepten van de plannen, deze waterstof stimuleren, mits de broeikasgassen die daarbij vrijkomen, worden afgevangen en opgeslagen (carbon capture & storage geheten, kortweg CCS).

De gedachte is dat deze ‘blauwe’ waterstof nodig is om de markt open te breken en zo de weg te plaveien voor ‘groene’ waterstof, dat wordt opgewekt middels zon en wind, maar nu nog veel te duur is. Sceptici vrezen echter dat waterstof uit fossiel straks ruim baan krijgt, terwijl nog maar de vraag is of er inderdaad voorzien wordt in CCS. ‘Er zijn nu slechts 21 CCS-projecten in de hele wereld’, stipten vier sociaaldemocratische Europarlementariërs, waaronder PvdA-er Mohammed Chahim, vrijdag aan in een opiniestuk op de website van Politico.

Ander twistpunt betreft het potentieel van waterstof. Hoeveel groene waterstof kan er realistisch gezien geproduceerd worden? Nu maakt waterstof minder dan 2% uit van de totale energiemix in Europa, en groene waterstof is daar niet meer dan een fractie van. De Commissie gaat er in een concept van haar plannen vanuit dat waterstof in 2050 zo’n 13% tot 14% van de Europese energiemix uitmaakt. Groene waterstof moet dan de norm zijn.

Veel nodig

Er is nog veel nodig om daar te geraken. De Commissie weet dat ook en wil – excusez le mot – gas geven. In 2024 moet er binnen de EU voor minstens 4 GW aan productiecapaciteit voor groene waterstof opgesteld staan, in 2030 moet dat zijn uitgebreid tot 40 GW.

Ter vergelijking: in hun opiniestuk wijzen de vier Europarlementariërs er fijntjes op dat ’s werelds grootste productiefaciliteit voor groene waterstof die nu wordt gebouwd – in Noorwegen – goed is voor maximaal 1 GW. En dan hebben we het nog niet eens over hoeveel windparken en zonnepanelen er nodig zijn om de geplande groene waterstoffabrieken te voeden.

De vier pleiten voor realisme en strenge selectie van de gebruikers. Want als de markt vrij spel krijgt, belandt groene waterstof niet waar hij het hardst nodig is: bij zware industrieën als staal, chemie en cement. Voor deze sectoren is waterstof onontbeerlijk om te vergroenen. Andere sectoren, zoals de automobielsector, kunnen dat ook met bijvoorbeeld groene stroom.

Eurocommissaris Frans Timmermans, die waakt over de Europese Green Deal, zal de Brusselse strategie woensdag presenteren. De Limburger is groot fan van waterstof. Maar, veelzeggend, hij liet al eens weten te dromen over samenwerking met het zonovergoten Noord-Afrika om de Europese ambitie waar te maken.

3 juli 2020

Bouwers van biomassacentrales zien markt instorten

Bron Financieel Dagblad, Orla McDonald

De Amercentrale in de gemeente Geertruidenberg, die voorheen alleen op steenkool draaide, stookt biomassa bij, gemaakt van houtpellets.
De Amercentrale in de gemeente Geertruidenberg, die voorheen alleen op steenkool draaide, stookt biomassa bij, gemaakt van houtpellets.Foto: Hollandse Hoogte

In het kort

Bedrijven actief in de bouw van biomassacentrales zien hun omzet teruglopen.

Projecten gaan niet door of hebben flinke vertraging.

De sector wijst naar de politiek, die eerder biomassa zag als essentieel voor de energietransitie, maar nu negatief is over de energiebron.

Een belangrijke subsidieregeling voor biomassa dreigt snel te worden afgebouwd.

Biomassabedrijven zien plannen voor nieuwe centrales massaal stranden of vertragen nu het politieke draagvlak onder deze energiebron wegvalt. Volgens de branche gaat vanwege de grote onzekerheid in de markt naar schatting 75% van de geplande projecten niet door. Sinds 2018 is er minstens €2,6 mrd subsidie toegezegd voor biomassa. Het grootste gedeelte van deze installaties moet nog gebouwd worden, maar dreigt er nu niet te komen.

Dat zegt Eppo Bolhuis, kenner van de biomassasector en voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Bioketel Leveranciers (NBKL). Verschillende bedrijven actief in de bouw van installaties bevestigen tegenover het FD het sombere beeld dat de sector wacht nu de vier regeringspartijen zich tegen het gebruik van biomassa voor de productie van stroom en warmte hebben gekeerd.

Een claim richting de overheid is niet uitgesloten, zegt Bolhuis. ‘Laat de politiek ondernemers dan maar compenseren om zich weer op aardgas te richten.’ Hij spreekt van een doodsteek voor het Klimaatakkoord en de energietransitie. ‘Het is een staaltje onbehoorlijk bestuur. Ik schat dat 25% van de goedgekeurde subsidiebeschikkingen nog maar zal doorgaan. De rest valt af of wordt op de lange baan geschoven.’

Voorbereidende kosten

De subsidieregeling waar bedrijven die energie-installaties bouwen aanspraak op kunnen maken, heet Stimuleringsregeling Duurzame Energie, in de sector bekend als SDE+. Het is de belangrijkste graadmeter voor de hoeveelheid hernieuwbare-energieprojecten die op de planning staan.

Van 2018 tot begin 2020 kregen 164 bedrijven een subsidie voor de bouw van een biomassacentrale met een budgetclaim van €2,6 mrd. Het is deze groep waar waarschijnlijk veel projecten niet zullen doorgaan. Hoe groot de schade is, is moeilijk te zeggen. Gemiddeld ligt het investeringsbedrag in een nieuwe middelgrote centrale op €10 mln, maar zolang er nog geen schop in de grond is maken bedrijven vooral voorbereidende kosten.

Afbouwpad

In juni 2018, toen de overheid en tal van belanghebbenden het Klimaatakkoord presenteerden, begon het hoofdstuk biomassa met de volgende boodschap: ‘Het kabinet is ervan overtuigd dat de inzet van biomassa nu en richting 2030 en 2050 noodzakelijk is voor de verduurzaming van onze economie en het realiseren van de klimaatopgave.’

Inmiddels waait er een heel andere wind in politiek Den Haag. De gedachte dat biomassa te veel CO₂ uitstoot vergeleken met andere duurzame energiebronnen heeft postgevat, ook bij de coalitiepartijen. D66, ChristenUnie, VVD en CDA dienden deze week in de Tweede Kamer een motie in om nieuwe biomassasubsidies af te bouwen.

Ook in een uitgelekt conceptadvies van de Sociaal-Economische Raad (SER) staat dat biomassa voor energie-opwekking ‘niet past in de fase waarin de energietransitie nu is aanbeland’. Minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (VVD) heeft toegezegd dat er een ‘afbouwpad’ komt voor nieuwe subsidies, maar hoe rap dat pad naar beneden loopt is de vraag.

Kopschuw voor biomassa

Voor de sector maakt dat niet meer zoveel uit, daar heeft de negatieve sfeer over biomassa al zijn effect. Jaap Koppejan, technisch directeur bij Bio Forte, bouwer van een middelgrote installatie in Zaanstad: ‘Deze discussie gaat de verkeerde kant op. Het sluit de deuren voor nieuwe initiatieven. Wij zijn nu nog druk in Zaanstad met onze centrale, maar ik zie het om me heen gebeuren bij collega-bedrijven.’ Een ander voorbeeld is Vattenfall. Het energieconcern maakte vorige week bekend dat het, tot de politiek zich weer achter biomassa schaart, de plannen stillegt voor de bouw van de grootse biomassacentrale van het land.

Ook kleinere bedrijven zien hun omzet slinken. Ben Reuvekamp is eigenaar van Heatplus en levert bioketels aan de tuinbouw, woningcomplexen en sauna’s. Hij ziet potentiële klanten vertrekken. ‘Mensen worden kopschuw voor biomassa.’ Reuvekamp is boos over de gedraaide positie van de regeringspartijen. ‘Er is een politiek besluit genomen voor het Klimaatakkoord. Al die partijen die zich nu tégen biomassa keren, waren eerder voor. Dat kan toch niet? Wij weten als ondernemers niet meer waar we in moeten investeren.’

De €2,6 mrd subsidie die is toegezegd, is door de vele projecten die stilliggen niet verdwenen. Het subsidiesysteem werkt zo dat er pas geld wordt uitgegeven als de centrale draait. Maar de miljarden hadden wel uitgegeven kunnen worden aan andere projecten voor hernieuwbare energie. Dat is hard nodig. Nederland moet duurzame doelen halen van Europa, namelijk 14% hernieuwbare opwek. Het loopt flink achter: vorig jaar kwam het percentage hernieuwbare energie op 8,6%, waarin biomassa het grootste aandeel had met 5%.

2 juli 2020

Energiebedrijven: zonder biomassa gaan we de klimaatdoelen niet halen

BRON: FINANCIEEL DAGBLAD, Orla McDonald

Houtpellets zijn inmiddels een veelgebruikte brandstof voor bijstook in kolencentrales. Daarnaast zijn nieuwe biomassacentrales gebouwd (of gepland) die in het gedrang komen bij het verminderen van de subsidies voor biomassa voor opwekken van energie.
Houtpellets zijn inmiddels een veelgebruikte brandstof voor bijstook in kolencentrales. Daarnaast zijn nieuwe biomassacentrales gebouwd (of gepland) die in het gedrang komen bij het verminderen van de subsidies voor biomassa voor opwekken van energie.Foto: Branko de Lang/ANP

In het kort

Energiebedrijven beschouwen hout en houtafval voorlopig onmisbaar voor de energieopwekking.

Bedrijven die ervan uitgingen dat biomassa een groene brandstof was, dreigen nu de dupe te worden van de abrupte omslag.

Vraag is wat het alternatief is als biomassa niet langer gebruikt mag worden.

De energiesector is geïrriteerd dat biomassa plotseling heeft afgedaan als vervanger van fossiele brandstoffen. De sector waarschuwt dat hout en houtafval voorlopig onmisbaar zijn als Nederland de klimaatdoelen wil halen. Bedrijven die in biomassa zijn gestapt omdat dat ‘groen’ was, dreigen nu de dupe te worden van de abrupte omslag.

‘Eerst is bedrijven gevraagd: ga van het aardgas af en nu krijgen ze de wind van voren als ze biomassa gebruiken’, zegt Marc van Bemmel, directeur van Wes Wood, een grote leverancier van biomassa-installaties. Het bedrijf installeerde onder meer de ketels van Eneco’s biomassacentrale in Utrecht en die van Afvalenergiebedrijf Amsterdam (AEB). Als het kabinetsbeleid voor biomassa verandert, dan zullen met name kleinere bedrijven in de sector hieronder lijden, aldus Van Bemmel.

Productiebossen

Dinsdagavond lekte een conceptadvies uit van de Sociaal-Economische Raad (SER) over biomassa. Het advies aan het kabinet was daarbij om subsidies voor biomassa voor het opwekken van energie zo snel mogelijk af te bouwen. Het is de zoveelste negatieve boodschap over deze energiebron. Biomassa is een verzamelnaam voor producten van organische oorsprong, zoals houtsnippers, groente- en tuinafval of frituurvet. De discussie gaat vooral over rest- en afvalhout maar ook geperste houtkorrels afkomstig uit productiebossen.

Energieconcern RWE heeft zijn kolencentrales in Groningen en Noord-Brabant omgebouwd, zodat stroom wordt gemaakt van deze houtpellets. Daarnaast zijn nieuwe biomassacentrales gebouwd of ze staan in de planning. Het behoort tot de inspanningen om de klimaatdoelen te halen, met 14% hernieuwbare energie-opwekking in 2020, 49% CO₂-reductie in 2030 en een gasloos Nederland in 2050.

Afbouwen subsidies

De publieke opinie over biomassa is sinds de presentatie van het Klimaatakkoord vorig jaar sterk gekanteld. Elektriciteitsproducent Vattenfall vindt de toon over biomassa dermate negatief dat het de plannen voor de bouw van een nieuwe centralein de ijskast heeft gezet, zo zei het bedrijf vorige week. De stikstofcommissie van Johan Remkes, voormalig VVD-minister, stelde dat biomassa ‘ten onrechte’ als CO2-neutraal wordt gezien en de Tweede Kamer nam deze week een motie aan die oproept tot het afbouwen van nieuwe biomassasubsidies voor het opwekken van energie.

Daarbovenop ligt nu het conceptadvies van de SER. Onderhandelaars namens werkgevers, werknemers en de milieubeweging moeten het eens worden over dit advies. Zij leggen het voor aan hun achterban voordat het naar het kabinet gaat.

Doelstellingen duurzaamheid

De vraag is of minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (VVD) het beleid ten opzichte van biomassa gaat veranderen. Als houtige biomassa niet langer geldt als groene energiebron, komt Nederland nog verder achter te liggen op de doelstellingen voor duurzaamheid waaraan het zich heeft gecommitteerd. Vorig jaar kwam het energieverbruik uit biomassa uit op 5% van de energieconsumptie; het totale verbruik uit hernieuwbare energiebronnen lag toen op 8,6%.

Wiebes heeft eerder gezegd dat biomassa voorlopig nodig is, maar hij wil wel kijken naar afbouw voor nieuwe biomassasubsidies. Al toegezegde subsidies lijken voorlopig veilig. Van Bemmel van Wes Wood is er niet helemaal gerust op: ‘Ik vertrouw erop dat de overheid zich betrouwbaar toont bij al verleende subsidies, maar het zou niet de eerste keer zijn dat de politiek ons verrast.’

Omgeslagen sfeer

‘De omgeslagen sfeer over biomassa heeft mij wat verbaasd’, zegt Hans Grünfeld, voorman van de belangenvereniging voor zakelijke energiegebruikers VEMW. Grote afnemers van energie moeten van het gas af en keken tot nu toe naar biomassa als alternatief. ‘Als we biomassa niet meer mogen gebruiken, wat is dan het alternatief? Daar maak ik mij wel zorgen om.’

Voor het opwekken van stroom kan zon en wind gebruikt worden, maar wat als de zon niet schijnt of de wind niet waait? Voor het opwekken van warmte voor de industrie of voor huizen is het ook ingewikkeld om een alternatief te vinden. Duurzamere alternatieven voor biomassa, zoals geothermie en groene waterstof, zijn zeker tot 2030 nog niet ver genoeg ontwikkeld om massaal op over te stappen.

Nieuwe grondstof

Voorzitter Medy van der Laan van branchevereniging Energie-Nederland: ‘Wij willen de gestelde klimaatdoelen halen en houtige biomassa is onderdeel van de mix om ze te halen. Als je biomassa te snel afbouwt, dan haal je die klimaatdoelen niet.’

Vanuit de milieubeweging klinkt de roep om langer aardgas te gebruiken in de transitie naar een duurzame energievoorziening. Biomassa blijft wel in beeld als nieuwe grondstof voor de chemische industrie.

24 juni 2020

De redenen waarom Naked Energie altijd goedkoop energie aanbiedt

18 juni 2020

Recordaantal huishoudens wisselde van energieleverancier

Bron: Nu.nl

https://www.nu.nl/economie/6057493/recordaantal-huishoudens-wisselde-van-energieleverancier.html

Eén keer switchen nog is genoeg. Naked Energy is altijd goedkoop. Kun je daarna weer gaan slapen.

17 juni 2020

Zonder biomassa wordt het halen van de klimaatdoelen nog lastiger

Bron: Financieel Dagblad, Bert van Dijk

Het verbranden van hout om daarmee elektriciteit te produceren, is omstreden.
Het verbranden van hout om daarmee elektriciteit te produceren, is omstreden.Foto: Flip Franssen/Hollandse Hoogte

In het kort

Urgenda-directeur Minnesma roept het kabinet op te stoppen met subsidies voor bijstook van hout in kolen- en biomassacentrales.

Biomassa is een belangrijke pijler onder het hernieuwbare energiebeleid van Nederland.

Met het groeiende verzet tegen biomassa blijven er steeds minder klimaatvriendelijke energiebronnen over die op draagvlak kunnen rekenen.

Nu ook klimaatorganisatie Urgenda oproept om de miljardensubsidies voor biomassa te stoppen en nog iets langer door te gaan met aardgas, doemt de vraag op hoe Nederland ooit zijn klimaatdoelen zal kunnen halen. Want de lijst energiebronnen en klimaatoplossingen die op breed draagvlak kunnen rekenen, wordt kleiner en kleiner.

Geen onderwerp in de energiesector is zo omstreden als biomassa. Voor- en tegenstanders van het verbranden van hout om daarmee elektriciteit en warmte te produceren vechten elkaar al een tijd de tent uit. Voorstanders zeggen dat het CO2-neutraal is en helpt om de klimaatdoelen te halen, tegenstanders beweren juist dat het tegendeel wordt bereikt: meer CO2 in de atmosfeer, die de aarde verder opwarmt.

Miljardensubsidies

De ingewikkelde, technische en vaak ongenuanceerde discussie over koolstofschuld, CO2-neutraliteit, korte of lange natuurlijke cycli, wel of geen duurzame bosbouw en kaalkap daargelaten: feit is dat biomassa voor het kabinet nog steeds de belangrijkste pijler onder het duurzame energiebeleid is. Ongeveer 60% van alle in Nederland geproduceerde hernieuwbare energie was vorig jaar afkomstig van biomassa, vooral biobrandstoffen, houtkachels en afvalverbranding.

Een klein, maar snel groeiend deel van de biomassa is echter de zogenoemde houtige biomassa (samengeperste korrels hout en houtsnippers) die in grote kolen- en biomassacentrales wordt verbrand. Daar gaat meer dan €8 mrd subsidie naar toe.

Klimaatdoelen buiten bereik

Die miljarden zijn heel hard nodig om de doelstellingen uit het Energieakkoord van 2013 te halen: 14% hernieuwbare energie in 2020 en 16% in 2023. Vorig jaar bleef de teller staan op 8,6%, ver buiten bereik van de doelstelling dus. Zonder biomassa, goed voor 5 procentpunt van die 8,6%, raken de klimaatdoelen helemaal buiten bereik.

Toch wordt er al een tijd geknaagd aan deze belangrijke pijler. Coalitiepartijen D66 en ChristenUnie zijn inmiddels verklaard tegenstander van de houtstook en ook in de milieubeweging is het verzet groeiende.

‘Liever nog een tijdje aardgas’

Dit weekend legde Urgenda-directeur Marjan Minnesma een bommetje onder het biomassadossier. Op Radio 1 riep ze het kabinet op te stoppen met het subsidiëren van de bijstook van hout in kolencentrales en biomassacentrales. Minnesma ziet Nederland liever nog een tijdje aardgas gebruiken dan biomassa.

Nu hebben ook andere milieuorganisaties zich al eerder tegen biomassa gekeerd, maar de expliciete publieke afwijzing door Urgenda geeft nog meer kracht aan de antibiomassa beweging. Minnesma is immers de vrouw achter de tot drie keer toe gewonnen Urgenda-klimaatzaak tegen de Nederlandse staat over het terugdringen van de CO2-uitstoot in Nederland.

Hete adem in de nek

Nu roept ze ineens op tot het – voorlopig althans – blijven gebruiken van het fossiele aardgas in plaats van de hernieuwbare biomassa. Naar eigen zeggen is zij de afgelopen jaren van standpunt veranderd over de rol van biomassa om klimaatverandering tegen te gaan en ziet ze voor aardgas toch een – zo kort mogelijke – brugfunctie weggelegd.

Minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes voelt daarmee de steeds heter wordende adem in zijn nek van de tegenstanders van biomassa. Maar vooralsnog weigert hij de stekker uit biomassa te trekken: ‘Als we de klimaatopgave willen halen, hebben we biomassa voorlopig nodig’, zei hij vorige week nog in de Tweede Kamer.

De minister weet immers dat als na kolen, olie en gas ook biomassa een no-go wordt, hij een nog groter hoofdpijndossier heeft: hoe moet Nederland dan zijn klimaat- en energiedoelen halen? Want één ding is zeker: met wind, zon, aardwarmte en een beetje energiebesparing alleen wordt het wel heel lastig, zo niet onmogelijk om Nederland fossielvrij te maken.

10 juni 2020

Duitsland zet in op waterstof en dat is ook lucratief voor Nederland

Bron: Financieel Dagblad, Gerben van de Marel

Foto: Flip Franssen/ ANP

In het kort

Duitsland heeft woensdag een langverwachte nationale waterstofstrategie ontvouwd.

Als onderdeel van het overheidsstimuleringsplan komt €9 mrd beschikbaar. 

Ook Nederland werkt aan waterstofinfrastructuur.

Europese waterstofstrategie staat hoog op de agenda van het Duitse EU-voorzitterschap.

Duitsland trekt €9 mrd uit om een industrie op te bouwen rond duurzaam opgewekte waterstof. De bondsregering zet vol in op deze brandstof om de transitie naar een duurzame energievoorziening mogelijk te maken en klimaatdoelen te halen.

Dat bleek woensdag uit de langverwachte nationale waterstofstrategie die de regering-Merkel in Berlijn ontvouwde. De federale regering heeft al honderden miljoenen euro’s geïnvesteerd in onderzoek naar waterstof. De nieuwe miljardenimpuls maakt deel uit van het Duitse stimuleringspakket voor de economie van €130 mrd dat vorige week is gepresenteerd.

Duitsland heeft de ambitie om wereldwijde koploper te worden in het gebruik van waterstof als energiedrager. Het probeert daarmee een inhaalslag te maken op Japan, Zuid-Korea en China, die al miljarden euro’s investeerden aan overheidsmiddelen.

Industrie en vliegtuigen

Net als de Nederlandse overheid zoeken de Duitsers naar nieuwe energie bronnen om fossiele brandstoffen zoals gas en kolen te vervangen. De Duitsers mikken op het gebruik van ‘groene’ waterstof in de industrie, maar ook voor de aandrijving van vliegtuigen en schepen.

De Duitse regering wil in tien jaar tijd een volwaardige waterstofinfrastructuur hebben aangelegd met een vermogen van vijf gigawatt. Uiterlijk in 2040 moet dat tien gigawatt zijn. Dit komt overeen met de capaciteit van tien kerncentrales.

Haven Rotterdam

De waterstofstrategie kan ook lucratief zijn voor Nederland. De verwachte vraag is veel groter dan de vijf gigawatt in 2030. De rest moet worden geïmporteerd. Dat zal deels naar Duitsland komen via de haven in Rotterdam.

Ook in Nederland wordt volop gewerkt aan initiatieven. Eerder dit jaarkwamen Shell, Gasunie en Groningen Seaports met een plan voor de aanleg van ‘s werelds grootste offshorewindpark en de bouw van Europa’s grootste waterstoffabriek in de Eemshaven. Ook daarmee wordt een capaciteit van tien gigawatt beoogd in twintig jaar tijd. Windenergie op zee kan worden omgezet in groene waterstof. Via bestaande gasleidingen kan dat dan zijn weg vinden naar de industrie in het Roergebied.

ThyssenKrupp en RWE

In Duitsland werken Thyssenkrupp en RWE samen aan een groot waterstofproject in de Emsland-streek, aan de grens met Groningen, zo werd woensdag bekend. Het is het eerste grote Duitse initiatief uit het bedrijfsleven. Het project is onder meer bedoeld voor de stroomtoevoer voor de staalfabriek van Thyssenkrupp in Duisburg.

Groene waterstof wordt geproduceerd met behulp van wind- of zonne-energie. Het geldt als een belangrijke klimaatvriendelijke brandstof, vooral voor de industrie.

Klimaatneutraal

Namens industriefederatie BDI prees Holger Lösch het initiatief van de bondsregering. ‘De beslissing van de federale regering komt geen moment te vroeg. Alleen met waterstof tegen concurrerende prijzen, uit binnenlandse bronnen en uit importen, kan het doel van klimaatneutraliteit in 2050 worden bereikt.’

Vakbondsfederatie DGB vindt dat de nationale waterstofstrategie er al veel eerder had moeten komen. De strategie moet op Europees niveau worden ingebed. Een internationaal concurrerende waterstofeconomie kan alleen slagen als het een Europees initiatief wordt, zegt ook de BDI. Van de €9 mrd stelt de Duitse regering €2 mrd beschikbaar voor concepten met Europese partners.

EU-voorzitterschap

De verdere ontwikkeling en uitvoering van de Europese waterstofstrategie staat hoog op de agenda van het Duitse EU-voorzitterschap dat over drie weken begint. De oprichting van een vervoersinfrastructuur en grote fabrieken voor de productie van waterstof en de ontwikkeling van een Europese strategie voor de invoer van waterstof staan hierbij centraal.

8 juni 2020

Op de Noordzee bouwen voor het klimaat

Bron: FINANCIEEL DAGBLAD, Bert van Dijk

De windrijke Noordzee moet de komende decennia het middelpunt worden van de Nederlandse energietransitie en uiteindelijk een einde maken aan de Nederlandse ‘fossiele verslaving’. Een reportage vanaf bouwkavel Borssele 1+2 op de Noordzee, 23 kilometer uit de kust van Zeeland.

Bouw windmolenpark Borssele 1 en 2 op de Noordzee door het bedrijf Ørsted.
Bouw windmolenpark Borssele 1 en 2 op de Noordzee door het bedrijf Ørsted.Foto: Bas Czerwinski voor het FD

Na een uitvoerige verplichte veiligheidsbriefing, trainingsvideo’s, inclusief mini-examen, mag ook het FD aan boord van de bijna 30 meter lange Windcat 101. Maar niet nadat de temperatuur is opgemeten en dan een coronaverklaring is ondertekend. Eenmaal aan boord zorgen plastic schermen en een sterk gereduceerd maximum aantal mensen, voor een veilige en coronaproof trip naar Borssele 1+2.

112 vierkante kilometer

Na ruim een uur varen vanaf de haven in Vlissingen bereikt de snelvarende Windcat de eerste turbines. Het eerste wat opvalt, is hoe uitgestrekt het windpark is. Zover het oog reikt, torenen witte stalen turbines hoog boven het water uit, 94 in totaal op een oppervlakte van in totaal 112 vierkante kilometer. Bij sommige zijn de rotorbladen al vastgemaakt, bij andere nog niet. Sommige turbines moeten nog helemaal worden geïnstalleerd op de zogenoemde monopiles, lange stalen buizen, die in de bodem zijn geslagen.

Het Deense energieconcern Ørsted, dat het eerste Borssele-windpark aanlegt, heeft een selecte groep journalisten uitgenodigd een kijkje te komen nemen, nu de bouw van het park in de afrondende fase terecht is gekomen. ‘Zelden is het zo druk als nu’, zegt Steven Engels, directeur van Ørsted Benelux, in gesprek met het FD.

Strandhuisjes langs de Westerschelde nabij Vlissingen
Strandhuisjes langs de Westerschelde nabij VlissingenFoto: Bas Czerwinski voor het FD

Stalen wolkenkrabbers

Twee installatieschepen, een kabellegger en een schip dat de monopiles in de bodem heit, liggen in het ‘park’ en zijn tegelijk aan het werk. Ondanks de coronapandemie is het werk de afgelopen maanden gewoon doorgegaan. Het monteren van de 81 meter lange rotorbladen is precisiewerk en gaat begrijpelijkerwijs heel voorzichtig. Daardoor oogt de installatie traag. Maar dat is schijn. Bij goed weer, zoals vandaag het geval is, wordt een turbine per dag neergezet. Met een tiphoogte van 200 meter zijn het stalen wolkenkrabbers op zee die hier in Borssele 1+2 verrijzen.

De nummers staan voor de kavels waar Ørsted het park mag bouwen. De Denen wonnen in juli 2016 nog onder de naam Dong Energy de tender voor de aanleg van het park, de eerste in een lange rij megawindparken die de komende decennia in de Noordzee moeten verrijzen. Naast dit park wordt in de verte ook al gewerkt aan Borssele 3+4, dat door Shell, Van Oord en Eneco wordt aangelegd.

Subsidievrij?

Ørsted krijgt nog maximaal €2,3 mrd subsidie op de straks te leveren stroom, Shell en Eneco nog maar ruim €500 mln en de nieuwste parken worden dankzij spectaculaire kostendalingen — als alles goed gaat — straks subsidievrij aangelegd.

Als alles goed gaat, want het verdwijnen van de subsidies zet windparken frontaal in de wind van fluctuerende elektriciteitsprijzen. Als die zoals nu blijven dalen of zelfs af en toe negatief worden, kan dat windparken onrendabel maken. ‘Ja, dat is een zorg’, zegt Engels.

Met een tiphoogte van 200 meter zijn het stalen wolkenkrabbers op zee die in Borssele 1+2 verrijzen.
Met een tiphoogte van 200 meter zijn het stalen wolkenkrabbers op zee die in Borssele 1+2 verrijzen.Foto: Bas Czerwinski voor het FD

Vraag naar groene stroom stimuleren

De Ørsted-manager erkent dat met het wegvallen van de subsidies de risico’s toenemen. ‘Daarom is het heel belangrijk om ervoor te zorgen dat vraag naar groene stroom wordt gestimuleerd.’

Zonder extra maatregelen van de overheid is het risico groot dat windparken op zee in de komende jaren niet meer rendabel zijn en niet van de grond komen, zo blijkt uit recent onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken & Klimaat. Volgens het onderzoek is er de komende tien jaar een investering nodig van €17 mrd om de geplande windparken op zee tot aan 2030 te bouwen.

Maar sommige andere duurzame projecten kunnen financieel aantrekkelijker zijn als de risico’s voor wind op zee toenemen, bijvoorbeeld door achterblijvende vraag naar groene stroom. Dat kan de financierbaarheid van de windparken op zee bedreigen. ‘De financieringskosten gaan omhoog door het hogere risico’, zegt Engels. Het Zweedse Vattenfall trok zich vanwege de risico’s terug uit de tender voor Hollandse Kust Noord.

Wind samen met waterstof tenderen

‘Het zou goed zijn als windenergie in de toekomst samen met waterstoffabrieken wordt getenderd’, oppert Engels. ‘Door vraag en aanbod van groene stroom samen in de markt te zetten, verklein je de risico’s. ‘Je zou bijvoorbeeld een groot offshore windpark samen met een grote waterstoffabriek op land kunnen tenderen. Door dat aan de kust te doen, heb je ook minder netverzwaring nodig om de stroom te transporteren. Het is een hele objectieve manier van aanbesteden.’

‘Door vraag en aanbod van groene stroom samen in de markt te zetten, verklein je de risico’s’

Steven Engels, directeur Ørsted Benelux

Minister Wiebes van Economische Zaken heeft al laten weten naar mogelijkheden te gaan kijken om de businesscase voor wind op zee-projecten ‘robuuster‘ te maken. ‘Zo wordt […] nadrukkelijk gekeken hoe synergie kan worden behaald door verdere uitrol van wind op zee in nauwe samenhang met opschaling van waterstof te zien’, aldus Wiebes.

1 miljoen huishoudens

In de verte heeft offshoreschip Innovation van Deme zichzelf met behulp van vier afzinkbare stalen constructies op de bodem vastgezet en als een krab opgetild uit het water. Het bijna 150 meter lange gevaarte is bijna klaar met de installatie van een van de laatste funderingen voor het windpark. Eind dit jaar moeten alle turbines draaien en stroom leveren. Als het dan waait, leveren de turbines genoeg stroom voor 1 miljoen huishoudens, zegt Engels. Dat klinkt veel, maar het is niet meer dan 2,5% van het totale elektriciteitsverbruik van Nederland.

Er zijn nog heel veel van dit soort megawind-, maar ook zonneparken nodig om in 2030, zoals beoogd, 70% van alle stroom in Nederland duurzaam te produceren.