Amsterdam wil nieuwste biomassacentrale toch nog niet kwijt

14 oktober 2020

Bron: FD, Caitlin Stooker

Binnenkort opent een nieuwe biomassacentrale in Amsterdam. Ooit een prestigeproject, maar inmiddels is de glans ervan af: er is veel kritiek op biomassa, er zijn twijfels over de winstgevendheid en door de problemen van moederbedrijf AEB is ongewis wie de nieuwe eigenaar wordt.

Gecertificeerde houtsnippers in de biomassacentrale in Amsterdam. Die wordt momenteel getest.
Gecertificeerde houtsnippers in de biomassacentrale in Amsterdam. Die wordt momenteel getest.Foto: Ramon van Flymen voor het FD

In het kort

De nieuwe bio-energiecentrale blijft voorlopig in handen van afvalbedrijf AEB.

Vanaf december moet de centrale 27.000 huishoudens voorzien van warmte en stroom.

Maar de centrale is ook een mogelijk nieuw probleemdossier voor het noodlijdende afvalbedrijf.

Het beste van de rondleiding heeft hij tot het laatst bewaard. Cor Kamphuis, beheerder van de bio-energiecentrale (BEC), zwaait triomfantelijk de deur open. Vanuit deze hoek is de metershoge installatie in één oogopslag te overzien. Leidingen, cilinders en regelkasten. Het metaal blinkt nog. In het midden staan de twee gloednieuwe houtovens te brullen. ‘Mooi hè?’, verzucht Kamphuis.

De centrale in de Amsterdamse haven ging in juni voor het eerst aan en wordt deze maanden volop getest. ‘Nu geven we de fabriek plat gezegd op zijn donder. Testen op uitzonderlijke situaties’, zegt Kamphuis. In december moeten ‘alle vinkjes zijn gezet’. Daarna kan de centrale 27.000 huishoudens in de hoofdstad voorzien van warmte en elektriciteit. Daarvoor rijden er vijf dagen per week veertien vrachtwagens vol houtsnippers af- en aan. ‘Het is echt ouderwets fikkie stoken. Terug naar waar we vandaan komen. Maar dan schoner.’

De biomassacentrale had een nieuw prestigeproject moeten worden. Maar achter de glimmende installatie schuilt mogelijk een nieuw probleemdossier, want BEC is onderdeel van het noodlijdende AEB. Dat afvalbedrijf kwam vorig jaar in de financiële problemen, nadat de directie vier van de zes verbrandingsovens moest uitzetten. Mede door een geldinjectie van de gemeente Amsterdam, de eigenaar, bleef AEB overeind.

Sindsdien werken AEB, de gemeente en een bankenconsortium aan een herstelplan. Met de BEC als wisselgeld. De partijen wilden de centrale verkopen, daarmee zou AEB schulden kunnen aflossen. Vorige week meldde de gemeente Amsterdam echter daarvan nog even af te zien.Dus houdt AEB de houtovens nog even in eigen beheer. Maar het is de vraag of die centrale financieel winstgevend wordt. Tel daarbij de veranderde publieke opinie over biomassa op, en BEC is al controversieel voor de opening.

Leidingen, cilinders en regelkasten in de biomassacentrale in Amsterdam. Het metaal blinkt nog.
Leidingen, cilinders en regelkasten in de biomassacentrale in Amsterdam. Het metaal blinkt nog.Foto: Ramon van Flymen voor het FD

Bouwplannen

Het plan voor de Amsterdamse installatie is afkomstig van projectontwikkelaar, en voormalig medicus, Bob Busser (60) uit Wassenaar. Hij droomde van een duurzame energiecentrale met onder meer een verbrandings- en vergassingsinstallatie. Wanneer in 2016 zijn financiering vastloopt, benadert hij afvalverwerker AEB, eigendom van de gemeente Amsterdam, voor een overname van het project.

Die vrijage is niet onlogisch. AEB is samen met energiereus Vattenfall eigenaar en leverancier van het hoofdstedelijke warmtenet waarop ruim 30.000 huishoudens zijn aangesloten. Dat moet in twintig jaar tijd groeien naar 240.000 aangesloten huishoudens. Het is voor de gemeente een essentiële bouwsteen voor een CO2-neutrale hoofdstad. Pas in 2018, als bij Busser inmiddels het water aan de lippen staat, hapt AEB toe.

Van zijn oorspronkelijke plan is uiteindelijk weinig over. Het team van AEB – zonder Busser – kiest voor een eenvoudige, op snoeihout gestookte biomassacentrale. Een installatie die warmte en elektriciteit opwekt. Met de bouw is initieel een bedrag van ten minste €58 mln gemoeid. AEB strikt ASN Bank voor een financiering van €45 mln. De rest betaalt de Amsterdamse afvalverwerker zelf.

Halve crimineel

De centrale ligt naast de Coentunnel, pal naast de A10. In 2019 ging de schop de grond in. Sindsdien is met name de publieke opinie veranderd, merkt ook de 61-jarige bedrijfsleider Kamphuis. Voor de BEC werkte hij bij de centrale in Purmerend. ‘Daar kwam koning Willem-Alexander de centrale openen. Maar als je tegenwoordig hoort wat er wordt gezegd over biomassa, dan voel ik me net een halve crimineel.’

‘Als je tegenwoordig hoort wat er wordt gezegd over biomassa, dan voel ik me net een halve crimineel’

Het opwekken van energie en warmte door houtresten te verbranden, verdeelt de maatschappij en de politiek. Voorstanders zeggen dat het CO₂-neutraal is en helpt om de klimaatdoelen te halen, tegenstanders beweren juist dat het tegendeel wordt bereikt: meer CO₂ in de atmosfeer, die de aarde verder opwarmt. En dan is er nog de vraag waar de houtresten vandaan komen. In het geval van de BEC komen die ‘uit de regio’. Dat wil zeggen: binnen een straal van 150 kilometer rondom Amsterdam.

Een van de voornaamste tegenstanders van biomassacentrales is klimaatactivist Johan Vollenbroek. De opkomst is ‘wetenschappelijk aantoonbaar een ecologische ramp’, is zijn claim. Met zijn organisatie Mobilisation for the Environment, strijdt hij tegen de ‘primitieve’ energiebron: ‘Vuurtje stoken deden we 2000 jaar geleden.’ Ook heeft hij zijn twijfels over de houtvoorziening van de Nederlandse biomassacentrales. (zie kader)

Vollenbroek staat niet alleen. Ook in Den Haag kantelt de opvatting over biomassa. De Sociaal-Economische Raad adviseerde de subsidies af te bouwen, onder de regeringspartijen is twijfel. En ook onder de Amsterdamse burgers is er meer weerstand tegen de komst van biomassacentrales.

Een houtoven in de centrale
Een houtoven in de centraleFoto: Ramon van Flymen voor het FD

Vollenbroek heeft bezwaar aangetekend tegen de omgevingsvergunning van de bio-energiecentrale, die hij gemankeerd noemt. Zo ontbreekt in het rookgaskanaal een kalkinjectiesysteem: een systeem dat schadelijke zuren die vrijkomen bij het stoken van hout neutraliseert. Ook ontbreekt basale meetapparatuur. ‘Dat is wel zo makkelijk omdat je dan niet kunt zien of aan de wettelijke normen wordt voldaan én je geen boetes kunt krijgen’, zegt Vollenbroek.

De kwestie leidt ertoe dat AEB de biomassacentrale mogelijk alweer moet verbouwen voordat deze in gebruik is genomen. Daar hangt een prijskaartje aan van €2 mln, een bedrag waarin het projectbudget slechts gedeeltelijk voorziet.

Waar komt het hout vandaan?

In de Amsterdamse politiek leven ondertussen ook vragen over herkomst en beschikbaarheid van het hout dat de BEC wil gaan verbranden. Volgens Kamphuis gaat het straks om zo’n 110.000 ton per jaar tegen een kostprijs van €4,5 tot €6 mln.

Volgens de BEC is al dat hout gecertificeerd en daarmee herleidbaar als afkomstig uit ‘de regio’. Al is ‘regio’ met een straal van 150 kilometer een rekbaar begrip. Volgens Vollenbroek telde Nederland in 2019 zo’n 219 energiecentrales die hout als brandstof gebruiken. Een groot deel beweert allemaal dat ze ‘snoeihout uit de regio’ stoken, stelt hij. In werkelijkheid is er niet genoeg Nederlands snoeihout, zegt Vollenbroek. ‘En als je al het snoeihout weghaalt om op te stoken, dan blijft er niks meer achter om langzaam te vergaan. Dat leidt tot onherstelbare verschraling van de bodem. Dat zien we nu al op de zandgronden van de Veluwe gebeuren. Hout is goud voor de bodem van het woud, zeg ik altijd.’

Stilstaan is ook duur

En de testmaanden zijn al dure maanden, zo zonder significante omzet. Alleen al aan personeelskosten en financieringsrente is de BEC een slordige €2 mln per jaarkwijt, blijkt uit cijfers die het FD heeft opgevraagd.

Ook zonder die extra kosten is het de vraag of de centrale het financieel rondkrijgt. BEC moet het vooral van subsidie hebben, zo blijkt uit de cijfers. Moederbedrijf AEB rekent op een jaaromzet van €18 mln. Daarvan is €14 mln afkomstig uit de subsidieregeling Stimulering Duurzame Energie (circa 77% omzet is SDE, 12% warmte, 11% elektra). De meerjarige subsidietoezegging die AEB inmiddels op zak heeft, bedraagt in totaal ruim €203 mln. Mede daardoor rekent het bedrijf zelf op een minimale winst van €2 mln per jaar, voor belastingen.

Maar dan moeten de subsidie en de prijzen voor stroom en warmte niet gaandalen. Over die subsidie bestaat twijfel. Milieuclub MOB heeft naast de rechtszaken over de vergunning, eind september ook een verzoek ingediend om de subsidie in te trekken. Als er immers geen adequate vergunning is, een voorwaarde voor de SDE-subsidie, dan is de subsidie op grond van een onjuiste aanvraag verleend, is de redenatie van de club.

De winst zou kunnen oplopen als AEB een leiding legt van de biomassacentrale naar Bunge, een bedrijf dat bijna een kilometer verderop soja kraakt en daarvoor veel warmte nodig heeft. Dat zou Bunge serieuze reductie van CO2-uitstoot opleveren. De besprekingen daarover lopen nog, bevestigt AEB. Maar tussen de bedrijven ligt de A10 en dat maakt de aanleg kostbaar. Ook andere opties voor levering van industrial heat worden bestudeerd.

Foto: Ramon van Flymen voor het FD

Patatje met?

Het zijn zaken waar de eigenaar rekening mee zal moeten houden. Die blijft voorlopig AEB. Hoewel de biomassacentrale los zou worden verkocht, wordt die nu onderdeel van de voorgenomen verkoop van AEB, zo schreven de betreffende wethouders vorige week in een brief aan de gemeenteraad.

‘’Wordt het een patatje zonder? Of toch een patatje BEC?’

De grote vraag is of de nieuwe eigenaar van AEB de biomassacentrale er straks bij wil hebben: ‘Wordt het een patatje zonder? Of toch een patatje BEC?’, grapt een ingewijde. ‘Ik zou voor het laatste kiezen, maar die bal ligt straks toch echt bij de koper.’

De gemeente voelt de bui mogelijk ook hangen en wijst geïnteresseerde kopers voor enkel de biomassacentrale dan ook nog niet direct de deur: ‘De mogelijkheid wordt opengehouden dat AEB de BEC voortijdig aan een derde verkoopt’, zo staat in de raadsbrief.

Cor Kamphuis kan niet van wakker liggen van alle dossiers. Hij klapt nog maar eens een luikje open. Achter het raampje schuilt een inferno. ‘Moet je toch eens kijken. Mooi hè?’